Blog over imkerij de Boterkampen in en rond Zaltbommel: over het bijenleven en de natuur en herkomst en samenstelling van de honing
woensdag 17 november 2021
De winter door
dinsdag 19 oktober 2021
Afsluiting in stijl
Afgelopen zaterdag werd het imkerjaar in stijl afgesloten met de plukdag in de zelfplukboomgaard bij het Kloosterwiel in Zaltbommel. De opkomst was boven verwachting, geholpen door het rustige, vriendelijke weer en doordat de lockdowns eerdere bezoeken niet mogelijk maakten. De boomgaard werd compleet leeg geplukt, alleen de boomadoptanten kunnen nu nog bij hun eigen boom terecht.
zondag 26 september 2021
Vertrokken voor de winter
Vandaag de laatste kastcontroles uitgevoerd voordat de herfst invalt, de kasten gaan vanaf nu in principe voor eind februari niet meer open. In de meeste volken zag ik nog open en gesloten broed en de bijen zelf vliegen ook volop, ongetwijfeld vanwege de mooie nazomer. Ik heb wel bij alle kasten muizenroosters geplaatst, zodat veldmuizen zich geen toegang kunnen verschaffen tot al dat lekkers. Je moet daar nooit te lang mee wachten, anders heb je kans dat je muizen insluit in plaats van buitensluit.
![]() |
| Muizenrooster voor de vliegopening; liever iets te vroeg dan te laat |
Uiteindelijk wordt dit nogal wisselende jaar toch nog goed afgesloten met in totaal zes sterke volken op drie bijenstanden. In Neerijnen zijn twee zwakkere volken verenigd tot één sterk volk dat aan de vliegbewegingen te zien nu zijn draai gevonden heeft. Daar staat verder ook het volk dat is uitgegroeid uit de in juni van dit jaar geschepte zwerm. Dat oogt heel vitaal, ik verwacht dat dit volk komend voorjaar flink zal halen.
Er komt trouwens ook nu nog volop stuifmeel binnen, de bijen hebben met dit weer sowieso een flinke actieradius. En er groeit nog van alles, zoals:
| Langs de Roozenbogerd bij Oensel staat nog een aardig veld zonnebloemen |
| De knoppen van deze klimop gaan een dezer dagen open, altijd een welkome dracht aan het eind van het seizoen met hoogwaardig stuifmeel en nectar |
| Deze enorme struik staat pal boven de bijenstand in de zelfplukboomgaard bij het Kloosterwiel, hoe dichtbij wil je het hebben |
| Eh...ja...hoe heet ie ook al weer |
Helemaal voorbij is het seizoen ook weer niet, in mijn beleving is de echte afsluiting altijd pas met de Bommelse Appeldag in de zelfplukboomgaard van Wouter van Teeffelen bij het Kloosterwiel in Zaltbommel. Dit jaar is dat op zaterdag 16 oktober. Ik ben er dan ook, voor die dag houd ik altijd voldoende honing voor verkoop achter de hand.
Vertrokken voor de winter dus, laat hem maar komen die poolwervel
PS - Akkermelkdistel...
zaterdag 4 september 2021
Darrenslacht
In de winter zouden ze alleen maar meeëten en de werksters zijn daar niet van gediend. Ze worden weggejaagd als ze willen eten, uiteindelijk verzwakken ze van de honger en kunnen ze gemakkelijk de bijenkast uit worden gewerkt. Dat gaat er niet zachtzinnig aan toe. Op de vliegplank kun je dan zien dat soms nog hevig tegenstribbelende darren door meerdere werksters tegelijk naar buiten worden gesleurd en van de rand van de vliegplank gekieperd. Hoe onsentimenteel.
Ik had mijn camera niet bij me maar hieronder ter illustratie een aardig filmpje van imker Eugeen van Hove. Op het midden van de vliegplank zit een hele verzameling verzwakte/versufte darren. Let op hoe hen zo nodig de toegang wordt ontzegd of ze over de rand van de vliegplank worden gewerkt.
dinsdag 22 juni 2021
Een prachtzwerm
Op 9 juni schepte ik deze prachtzwerm in een heg bij een woonhuis in Kerkdriel, in een mooie puntzakvorm. Zo mooi als hij erbij hing, vrijwel op stahoogte, goed bereikbaar... misschien was ik juist daarom nu wat slordig. Ik vergat om de zwerm eerst met de plantenspuit te besproeien, daar worden ze rustig van, en dus liep ik nu toch een paar steekjes op. Wel kon ik de bijen ter plekke meteen de kast in laten lopen die dezelfde avond nog naar de kasteeltuin in Neerijnen is gebracht.
Afgelopen zondag, 11 dagen later, was het tijd voor een controle van de zwerm. Ik stond weer versteld hoe voortvarend zo'n zwerm aan de gang gaat: ze hadden alle kunstraat uitgebouwd en ik telde al drie raten met gesloten broed. Dat kan alleen binnen 11 dagen als dit de voorzwerm was, met de oude koningin van het oorspronkelijke volk, want alleen een al leggende koningin gaat na zo'n korte onderbreking meteen door met leggen. De nieuwe koningin in nazwermen is nog onbevrucht en zou eerst nog 4 dagen geurloos rondlopen in het volk, dan 4 dagen op bruidsvlucht gaan en eenmaal aan de leg duurt het dan 7 dagen voordat er gesloten broed te zien is.
Zo'n zwerm volgt zijn natuurlijke aandrang en alles valt dan op zijn plek: de zwerm koos zelf instinctief het juiste moment en de beste samenstelling, de dracht en het weer waren ook gunstig en als ik dan als imker ook nog direct zorg voor goede huisvesting gaat zo'n nieuw volk als een speer. Dat moet ook wel want het is alweer bijna juli, voor de winter moet het volk op sterkte zijn en voldoende voorraden honing en stuifmeel hebben binnengehaald.
Morgen ga ik het volkje ruimte geven door er een nieuwe broedbak onder te zetten zodat ze hun bouwdrift verder kunnen uitleven.
Toch nog een bescheiden oogst
Dat eindeloos durende koude en natte voorjaar heeft toch nog een bescheiden oogst opgeleverd. In de zelfplukboomgaard bij het Kloosterwiel haalden de bijen relatief goed en konden enkele tientallen potten met honing worden gevuld, met de kenmerkende lichtere kleur van wilgenhoning. In de kasteeltuin van Neerijnen en op Bommels Buiten in Oensel ging het vooralsnog wat minder, ook al doordat enkele volken zwermden. Hier volgen echter nog wel een verlate voorjaarsoogst resp. een zomeroogst.
vrijdag 16 april 2021
Kleur in de bijenkast
Het blijft voorlopig nog koud maar de zon wordt sterker en dan vliegen de bijen massaal. Begin april gaat het vooral nog om stuifmeel, waarmee het volk na die lange winter op krachten komt. Stuifmeel is vooral eiwitrijk en geldt als bouwstof, nectar is meer een energierijke brandstof. De onderstaande video is gisteren genomen in de zelfplukboomgaard bij het Kloosterwiel. Als je de video af en toe pauzeert zie je duidelijk de klompjes stuifmeel op de achterpootjes in verschillende kleuren: helgeel voor wilg, oranje voor paardenbloem, zachtgeel voor esdoorn enz.
Hoe meer kleuren hoe beter natuurlijk, dat is de befaamde diversiteit waarvoor nu steeds meer aandacht is. Stuifmeel bestaat in allerlei kleuren en soorten, hieronder zie je een door imkers veelgebruikte stuifmeelkleurenwaaier.
Maar de vorm van stuifmeel is ook bijzonder. Er wordt veel onderzoek gedaan naar stuifmeel, ook al omdat dit vaak een rol kan spelen in forensisch onderzoek of om de leeftijd van aardlagen vast te stellen, want stuifmeel blijft in de bodem goed bewaard. Hieronder een foto van stuifmeelkorrels van verschillende planten, gemaakt met een rasterelektronenmicroscoop (bron Wikipedia/stuifmeel).
dinsdag 9 februari 2021
Brrr... wat is het koud
![]() |
Ook in de kast zelf heerst nu ongeveer de buitentemperatuur maar de bijen kruipen dicht opeen in een bolvormige wintertros, ongeveer zoals pinguïns doen op de noordpool. Deze tros heeft een buitenmantel van roulerende, extra dicht opeengepakte bijen, alle met de kopjes naar het midden. Ze kruipen in de cellen van de raten en zitten dicht tegen elkaar samengepakt in de ruimten ertussen. Zo vormen ze een effectieve isolatiedeken die warmteverlies tegengaat.
Binnen die mantel moeten de bijen enige ruimte hebben om honing op te nemen, met hun vleugels lucht te circuleren en het eventueel al aanwezige broed te verzorgen. Het maakt wel verschil of er al een broednestje is of niet. Zo ja dan moet de nesttemperatuur op ca. 36 C gehouden worden, en anders kan de temperatuur in de tros naar beneden tot soms het uiterste minimum van ca. 18 C. Heel handig is het dus niet als een koningin zo vroeg al aan de leg is gegaan, veel imkers zien dit dan ook liever niet.
Hoe efficiënt ook, enig warmteverlies is er altijd dus moet er ter compensatie ook warmte worden gegenereerd. Dat doen de bijen binnen in de mantel door hun vleugelspieren razendsnel te bewegen, waarbij de vleugels zelf onbeweeglijk stil staan, iets wat ze ook gewend zijn om broed te verwarmen. De temperatuur van het borststuk kan dan oplopen tot ca. 40 C.
De keerzijde van het verhaal is dat er in een hete zomer juist warmte (en kooldioxide) moet worden afgevoerd. De kritische temperatuur is ook in dat geval weer die van het broednest: +36 C. De eerste maatregel is dat bijen buiten de kast blijven zodat hun eigen lichaamswarmte het niet nog erger maakt, je ziet ze dan buiten op de kastwanden zitten of in een flinke 'baard' aan de vliegplank hangen.
In de volgende stap vormen met hun vleugels waaierende bijen in de kast lange kettingen waarlangs de warme lucht richting de vliegopening wordt afgevoerd. Ook op de vliegplank zelf zie je ze dan nog waaieren. De snelheid van zo'n luchtstroom kan wel ca. 10 km/uur zijn. Als ook dat nog niet voldoende is wordt er actief warmte onttrokken door water te verdampen. Haalbijen worden dan ingeschakeld als waterdragers die soms wel een kilometer vliegen om hun tanks (de honingblaas) met water te vullen, dat in de kast door waaierende bijen wordt verdampt.
Ook in de winter is er water nodig, bijv. voor broedverzorging en om opgeslagen honing te verdunnen. Vaak volstaat dan het condenswater dat de bijen zelf produceren en dat in kleine druppeltjes neerslaat tegen de dakplank of de kastwanden. Imkers zullen dit soms bevorderen door plastic folie onder de dakplank te leggen, zodat alle condens de bijen ten goede komt.
(Bron: The Lives Of Bees, Thomas D. Seeley, 2019)
zondag 18 oktober 2020
Gute Nacht Freunde,
es wird Zeit für mich zu gehen...
Als de Bommelse Appeldag is geweest weet je dat het seizoen definitief voorbij is. Nu resten ons vooral nog die sombere, doodstille dagen waarbij de ochtendschemering ongemerkt overgaat in de avondschemering, zoals vandaag, met soms een constante, zacht druilende motregen, of juist woeste herfststormen, striemende slagregens, snerpende kou...nou ja, u weet het wel.
![]() |
Het weer was niet onaardig en de Bommelse Appeldag in de zelfplukboomgaard trok gemotiveerde bezoekers. Ook de laatste honing vond gretig aftrek. |
Boomgaardbeheerder Wouter van Teeffelen vertelde dat de vruchtzetting in april/mei van dit jaar niet optimaal was geweest, resulterend in minder fruit aan de boom. Hij heeft dit keer dan ook minder ruchtbaarheid gegeven aan de zelfplukdagen, waarbij ook vanwege de coronamaatregelen de opkomst nu eenmaal beperkt moest blijven. Een duidelijk waarneembare trend is wel het groeiende enthousiasme over het adopteren van een vaste, eigen boom die dan desgewenst zelf gesnoeid kan worden, eventueel na een snoeicursusje van Wouter.
vrijdag 25 september 2020
Brias en de gelukkige imker
In de imkerwereld bestaat er geen ander woord dat zo'n blije klank heeft dan 'brias'. Brias is de afkorting van BRoed In Alle Staten, dus gesloten cellen met broed en open cellen met larfjes en met eitjes. Als je dat in een kast aantreft weet je zeker dat er een leggende koningin is en hoef je verder niet meer te zoeken en het volk te storen.
Ik deed deze week voordat de herfst en winter ingaan nog een allerlaatste controle in negen kasten en in zeven daarvan trof ik brias aan. In de overige twee niet. Zo laat in het seizoen hoeft dat niet per se verontrustend te zijn, want de koningin kan al een broedpauze hebben ingelast. Om toch zeker te weten of Hare Majesteit aanwezig is, kun je dan een moerproef doen door een broedraam zoals op de foto over te hangen in deze twee kasten. Als de bijen zonder HM zitten zullen ze enkele cellen met jonge larfjes beslist uitbouwen tot koninginnencellen, om zo het volk alsnog te redden van een wisse dood. Vandaag, na vier dagen, bleek bij de nacontrole dat ze er niets mee deden. Alles goed dus.
donderdag 17 september 2020
Pompoenenmarkt in de kasteeltuin
![]() |
Pompoenen zover het oog reikt |
Afgelopen zonovergoten zaterdag werd in de kasteeltuin bij het Huis Neerijnen de befaamde pompoenenmarkt gehouden, mèt coronaregels. Ik was er wel maar ook weer niet, want door eerder gemaakte afspraken kon de honing hier dit jaar niet worden verkocht. Volgend jaar beter. Een andere gelegenheid doet zich nog voor op de Bommelse Appeldag in de zelfplukboomgaard op 17 oktober, hoewel veel potten inmiddels al aan de man zijn gebracht.
Zo langzamerhand is het bijenseizoen nu wel voorbij. Alleen op Bommels Buiten bij de Hurnsche Kil vliegen de bijen nog enthousiast, doordat er binnen een cirkel van amper 100 meter nog massaal planten in bloei staan. Volgend jaar wil ik proberen om het bloemige karakter van de tuin in de honingpotten te vangen. Dat zou moeten kunnen door rond half augustus alle honingramen uit de kasten te halen, alle daarna gehaalde nieuwe honing rond begin oktober te oogsten en dan de oude ramen weer terug te plaatsen.
De koninginnenteelt verliep dit jaar zeer voorspoedig. Op drie bijenstanden zijn nu negen volken ingewinterd, zes daarvan hebben een nieuwe koningin. Volgend jaar is dat gunstig, want volken met een jonge koningin hebben minder neiging tot zwermen en halen in het algemeen enthousiaster honing. Helemaal zeker is dat niet want volken kunnen gemakkelijk ontevreden zijn over zo'n 'gekweekte' koningin waar die imker zo blij mee is en dan kiezen voor eentje van eigen makelij (in een zgn. 'stille moerwissel'). We gaan het zien.
maandag 24 augustus 2020
Zomerhoning
Afscheid van de Boterkampen
dinsdag 14 juli 2020
Verhuizing naar Bommels Buiten
Twee volwaardige bijenvolken en een kweekvolkje voor een nieuwe koningin, midden in een veld vol wilde bloemen |
Pronkstuk op de kwekerij is de gerestaureerde en verbouwde vervallen kas, flink groot en hoog en geschikt gemaakt als accommodatie voor bijeenkomsten e.d. |
BommelsBuiten is de nog maar kort geleden opgezette groenten- en bloementuin die verbonden is aan het restaurant Bommels Bakhuys van Simon Fust en Carlijne van Santvoort aan de Gamerschestraat in Zaltbommel. Onder het motto ‘bewust, lokaal, ambachtelijk’ worden hier groenten en fruit gekweekt die dezelfde dag nog als ‘plat du jour’ op het bord van de gasten kunnen verschijnen.
![]() |
Een bruidsboeket van BloemenvanBuiten, gekweekt op de tuin (foto Aline Bouma) |
Bijen zijn hier natuurlijk op hun plek te midden van die weelde aan bloemen en planten. Maar zeker telt ook mee dat de vliegafstand tot de uitgestrekte Hurwenense uiterwaard (website zodenaandedijk) hier wel heel kort is: in de vroege lente duiken de bijen meteen over de dijk de wilgen en meidoorns in rondom de Kil, direct achter de dijk. En in de zomer groeit hier een grote variëteit aan bloemen en planten, op zo’n 450 ha puur natuur. Zie in de banner ook de pagina De bijenstanden per locatie.
![]() |
Een van de vele plassen in de Hurnsche Kil, een prachtig buitendijks gebied waarin je gemakkelijk een hele dag kunt ronddwalen |
donderdag 2 juli 2020
Een feestmaal
vrijdag 19 juni 2020
Daar staan ze weer...
![]() |
| ...fier in het gelid |
zondag 24 mei 2020
Wennen en harmoniseren
![]() |
| Zeven kastjes koel en donker weggezet in de achtertuin; achteraan drie 3-ramers, dan drie 6-ramers en vooraan het Kirchhainer kastje |
Update van de laatste post: acht koninginnen zijn inmiddels geoogst, zeven zijn er ondergebracht in kleinere 3-raams kastjes en in 6-raams kastjes met een piepschuim vulblok op de foto. De kastjes zijn koel en donker weggezet met de vliegopeningen dicht, want de bijen moeten eerst vijf dagen lang harmoniseren en aan elkaar en aan hun koningin wennen. Na die vijf dagen komen de kastjes op hun definitieve plek en gaan de vliegopeningen open. De bijen gaan dan voedsel verzamelen en de koningin vliegt uit om een aantal keren in de lucht met darren te paren en bevrucht te worden. Daarna verlaat ze de kast in principe niet meer. Het kastje helemaal vooraan is een zgn. Kirchhainer, een piepklein kastje met maar een koffiebekertje bijen plus hare majesteit, maar in principe niet verschillend van de andere. Hier zal het opkweken wat langer duren.
De achtste koningin heb ik bij het oogsten in het pleegvolk achtergelaten. Door de plotselinge aanwezigheid van al die koninginnendoppen kan een pleegvolk zwermneigingen krijgen. De oude koningin was niet meer te vinden en de bijen hadden zelf volop zwermcellen aangezet, die echter nog niet waren uitgelopen. Geen nood: ze voelen zich moerloos en zijn in afwachting van een koningin, die ze nu dus meteen op een presenteerblaadje aangeboden kregen. Zo'n heel jonge koningin is nog geurloos, de bijen zullen haar aanvankelijk amper opmerken. Na een paar dagen van harmonisatie worden de feromonen wel merkbaar en zullen de bijen hun meesteres opjutten om op bruidsvlucht te gaan. Ook weer spannend.
zondag 10 mei 2020
Koninginnen bij de vleet
Bij een collega-imker die lid is van de Vereniging van Carnica Imkers (zie de website hier) heb ik vandaag een tiental doppen met larfjes van 1 dag oud opgehaald. Carnica is een bijenras dat bekend staat om zijn zachtaardige karakter en eigenschappen als zwermtraagheid en raatvastheid (ze vliegen niet meteen op als je als imker bezig bent). Deze doppen werden op een lat van een speciaal kastraam gedrukt en dit raam is vandaag tussen andere broedramen gehangen in een sterk 'pleegvolk'. De werkbijen zullen de larfjes voeden met zgn. 'koninginnengelei'' en warm houden, zodat ze uitgroeien tot koninginnen. Tien stuks maar liefst, als alles naar wens gaat. Zulke koninginnen breng je dan groot in kleine kastjes met kweekvolkjes die je bijvoorbeeld aan het eind van het seizoen samenvoegt met een ander volk.
![]() |
| Deze kooitjes worden na de eerste vijf dagen rondom de doppen aangebracht, samen met wat honingdeeg zodat de koningin de eerste uren niet verhongert. |
Het is hierbij oppassen geblazen want koninginnen zijn strijdbaar. Als de bestaande koningin van het pleegvolk bij de doppen kan komen, zal ze de nieuwe koninginnen doodsteken. Dat is te voorkomen door de broeddoppen binnen koninginnenroosters (zie de foto) te houden: wel toegang voor werkbijen, niet voor de koningin. Maar binnen de roosters kan evengoed de pleuris uitbreken: de eerste koningin die uitloopt zal al haar later uitkomende soortgenoten zonder pardon naar de andere wereld helpen. Dat is weer te voorkomen door na vijf dagen, als alle doppen gesloten zijn, rondom elke dop een eigen kooitje aan te brengen. Ja, het is een secuur werkje en het luistert nauw.
Na elf dagen zullen alle doppen uitgelopen zijn en zit er in elk kooitje een koningin die wordt 'geoogst'. Er gaat een kleurmerkje zodat ze gemakkelijk terug te vinden is en om het geboortejaar aan te duiden. De koninginnen worden dan in kleine volkjes gezet in drieraams kastjes met een raam uitlopend broed en een raam voer/stuifmeel: de bevruchtingsvolkjes. Want... de prille koningin is nu nog onbevrucht en moet eerst nog wel de lucht in om te paren met in de omgeving vliegende darren. Ook weer een vrij hachelijke onderneming (het weer, vogels), wie zei dat het leven eenvoudig was?
Eén vraag die zich opdringt is: hoe weten de werkbijen dat ze koninginnengelei moeten voeren, waarom geven ze geen gewoon voedsel aan deze larfjes zodat er werksters worden geboren? De simpele reden is dat ze gewend zijn dat cellen voor werksters horizontaal staan. Deze (cel)doppen staan verticaal, dat geeft het gewenste signaal. Als de bijen in bijzondere situaties zelf zwermcellen, moerwisseldoppen of 'redcellen' maken, hebben deze ook altijd een verticale positie.
zaterdag 9 mei 2020
Geef ze de ruimte
Dit jaar ben ik goed voorbereid, misschien zelfs iets te. Hier de huidige opstelling: onder het koninginnenrooster maar liefst 2,5 bak broedruimte, de bijen zullen het teveel aan ruimte hier (bovenin) ook gebruiken voor honingopslag. Boven het rooster is er sowieso 1,5 bak aan ruimte voor honingopslag. Laat ze maar komen.
![]() |
| In afwachting van de de bloei van bramen |
woensdag 8 april 2020
Grote schoonmaak
vrijdag 6 maart 2020
Live webcam en een spectaculaire time-lapse videofilm
Time-lapse van 21 dagen ontwikkeling werkster
Op de website bienenjournal.de is sinds jaar en dag ruimte ingeruimd voor een live Webcam Duitse honingbijen. De bijenkast staat in de wijk Wilmersdorf in Berlijn, eigenlijk midden in de stad. Er gebeurt niet altijd iets, maar in het voorjaar en in de zomer geeft dit een heel aardige indruk van het drukke bijenleven. Als het wat kouder wordt krijg je juist een beeld van de verliezers: bijen die verkleumd terugkeren, darren die van de vliegplank worden gegooid nu het bijenseizoen voorbij is enz. De camera staat gericht op de vliegopening.
woensdag 5 februari 2020
En toen vlogen ze weer...
Een nieuwe stek in Neerijnen
![]() |
| De twee bijenvolken (rechts) voor de zuidmuur in Neerijnen, ik sta hier samen met een collega-imker |
![]() |
| Het Huis Neerijnen dateert van rond 1600. Tot voor kort was dit het gemeentehuis van de gemeente Lingewaal maar niet meer sinds deze is opgegaan in de gemeente West Betuwe |
zondag 15 december 2019
Varroa onder de duim
Het grootste volk heeft de meeste varroa en lijkt toch het meest vitaal. Van alle 9 volken vloog alleen dit volk nog volop, op een gure winterdag.
Ik deed de oxaalbehandeling op 29 november en controleerde daarna regelmatig de mijtenval. Uitgerekend het zwaarst met mijten besmette volk vloog vandaag volop, bij een koude, straffe wind en een dagtemperatuur van amper 8 graden: zie de bovenstaande video. De volken met de meeste bijen blijken ook een grotere mijtenpopulatie te hebben: het volk in de video zat begin december op bijna 7 raten, de meeste andere volken op zo'n 5 raten. Uit dit volk vielen na de behandeling enkele honderden mijten, maar van de 9 volken leek dit grotere volk vandaag toch het meest vitaal.
Je zou verwachten dat een volk met zoveel mijten juist verzwakt raakt. Als je erover nadenkt is het echter toch logisch: de 'varroadruk' doet zich al meteen na de honingoogst van het voorjaar gelden, het volk heeft hier zelf weet van van en compenseert alvast de uitval van bijen door al vanaf juli extra veel broed aan te zetten. De uitkomst is dan dat er aan het begin van de winter toch ruim voldoende winterbijen zijn om elkaar in de winter warm te houden. Dus ja, niets is wat het lijkt...
De varroamijt kwam in de jaren 80 van de vorige eeuw naar Nederland vanuit Azië. In dat werelddeel leven bijen en varroamijten al eeuwen in een soort symbiose: ongeveer zoals chimpanseeën vlooien de bijen elkaar om de mijtenpopulatie onder de duim te houden. De Europese honingbij (Apis mellifera) is nog niet zo ver en dus bestrijden imkers in Europa de mijt vooralsnog met organische middelen zoals mierenzuur, thymol en dus ook oxaalzuur. Nog een mogelijkheid is om in het voorjaar darrenbroed weg te snijden, want de varroamijt vermeerdert zich het liefst in de wat grotere darrencellen. Niet iedereen vindt dit overigens een goede manier. Verder worden koninginnen steeds vaker geselecteerd op hun eigenschappen voor VSH, afkorting voor Varroa Sensitive Hygiene: met een koningin in een volk dat veel varroa ontwikkelt ga je als imker niet verder, maar deze vervang je bij voorkeur.
Meer info over de varroamijt vind je hier op Imkerpedia


























